Solden doen inflatie dalen

1 februari 2013

Het algemene prijspeil is deze maand met slechts 1,46% toegenomen. Dat is een fikse daling in vergelijking met december, toen de inflatie nog 2,23% bedroeg. De daling is te danken aan de solden, die voor de eerste maal zijn opgenomen in de indexkorf. Maar een tragere inflatie betekent ook dat de lonen minder snel geïndexeerd worden. Eind vorig jaar besliste de regering om de concurrentiekracht van onze bedrijven te verbeteren. De werkgevers drongen aan op een indexsprong om de loonkloof met onze buurlanden te verkleinen. Maar dat voorstel stuitte op hevig verzet van de vakbonden en de socialistische partijen binnen de regering. Als compromis kwam minister van Economie Johan Vande Lanotte op de proppen met het idee om de samenstelling van de indexkorf meer aan te passen aan het reële koopgedrag van de Belgen. Het effect is daarvan deze maand al te zien. Voor het eerst zijn de winterkoopjes in de indexkorf opgenomen en dat vertaalt zich in goedkopere prijzen voor schoeisel en kleding. Om te vermijden dat het effect van de solden slechts één maand zou gelden, wordt de impact evenredig gespreid over de periode januari tot juni. Vanaf juli tot december nemen de zomerkoopjes de rol over. Ook de prijs voor huisbrandolie is anders berekend. Namelijk meer in functie van het aankooppatroon van de consument. Het gevolg van deze kunstmatige ingrepen is dat de inflatie is teruggevallen van 2,23% naar 1,46%. Dat is het laagste peil sinds februari 2010. Zonder de solden zou de inflatie uitgekomen zijn op 1,65%, zo berekenden experts op de Federale Overheidsdienst Economie. Alleen de oude berekening van de energiefactuur is voorlopig nog behouden. Al zal dat binnenkort ook aangepast worden.

Lager dan buurlanden

Met de nieuwe berekeningswijze heeft de regering alvast de concurrentiekracht van ons land verbeterd. Want als de inflatie minder snelt stijgt, zal het langer duren alvorens de spilindex overschreden wordt. En zal het dus ook langer duren alvorens de lonen en sociale uitkeringen verhoogd moeten worden. Op die manier stijgen de loonkosten minder snel en krijgen de bedrijven meer financiële ademruimte. De technologiefederatie Agoria reageert dan ook tevreden. "Voor het eerst sinds 2010 daalt de inflatie in ons land onder het niveau van de buurlanden", luidt het. "Dat is belangrijk, want de voorbije twee jaar zijn de loonkosten in ons land met circa 2% extra gestegen in vergelijking met de buurlanden. We zijn tevreden dat die inflatiecarrousel gestopt is", zegt Agoria-topman Paul Soete. Toch blijft Soete bezorgd over de verdere evolutie. Want de dalende stroom- en gasprijzen worden tenietgedaan door extra kosten bij de gewesten, en ook de voedselprijzen blijven stijgen. "Het is essentieel dat de inflatie onder het niveau van de buurlanden blijft om de opgelopen inflatiehandicap van de voorbije jaren goed te maken", beklemtoont Soete. Ook voor de overheidsuitgaven betekent een tragere inflatie goed nieuws. Want als de spilindex niet wordt overschreden in een jaar -en dat wordt verwacht in 2013 - dan bespaart de overheid circa 300 miljoen euro. Al is dat slechts één kant van de medaille. "Want geen loonindexering betekent ook dat in de privésector de lonen niet zullen stijgen en dus de belastinginkomsten niet zullen toenemen", zegt KBC-econoom Koen De Leus.

Te snel doorgevoerd

Minder enthousiast om de nieuwe berekening zijn de vakbonden. Ze zijn niet gekant tegen de vernieuwe samenstelling van de indexkorf, maar wel tegen de snelheid waarmee de regering die doorvoerde. "Ondanks de reële loonstop voor de periode 2013-2014 wordt nu al de berekening van de consumptieprijsindex aangepast, waardoor de vakbonden voor een voldongen feit gesteld worden. Dit is onaanvaardbaar", stelt het ABVV.

Het Laatste Nieuws – 31 januari 2013

terug