De ene indexsprong is de andere niet

30 oktober 2012

De indexsprong is tegenwoordig het buzzwoord in de Wetstraat. Maar wat is dat nu eigenlijk? En bestaat dé indexsprong of zijn er varianten? In België zijn de lonen en de sociale uitkeringen gekoppeld aan de gezondheidsindex. Door de stijging van de prijzen wordt na verloop van tijd de zogenaamde spilindex overschreden en stijgen de lonen van de ambtenaren en de sociale uitkeringen met 2 procent. Het indexmechanisme in de privésector verschilt van sector tot sector. Een indexsprong doet terugdenken aan de ingreep van voormalig premier Wilfried Martens in de jaren 80. Toen roomde de overheid de 2 procent af die normaal naar de loontrekkenden en uitkeringstrekkers gaat. Die ingreep was goed voor de overheidsfinanciën. Zo'n operatie zou vandaag bijna 3 miljard euro kunnen opbrengen. Maar daardoor verbetert de concurrentiekracht van de ondernemingen niet. Daarom wordt nu gepleit voor een indexsprong die goed is voor de begroting, maar ook voor de ondernemingen. In dat scenario hoeven bedrijven de indexering niet te betalen. En de staat vermijdt hogere ambtenarenlonen en sociale uitkeringen. Die sprong zou ongeveer 1 miljard euro opleveren. Al is er wel een kanttekening. Doordat de lonen niet automatisch stijgen, ontvangt de overheid minder sociale bijdragen en bedrijfsvoorheffing. Er is nog een derde variant, een indexsprong waarbij de sociale uitkeringen gespaard blijven. In dat geval is het effect voor de begroting nog kleiner.

De Tijd – 30 oktober 2012

terug